Bob Evers B20

En zo rolden ze ook tegen de Lincoln Zephyr aan... gedeeltelijk omdat nergens een behoorlijke tweedehands stationwagen te krijgen bleek.
„Een gesloten auto wil ik niet,” zei Bob, nadat zij hun vierde vergeefse bezoek hadden gebracht aan een automarkt. Het was met dat al kwart over drie in de middag geworden. „Als we geen stationwagen kunnen krijgen, dan een vier-onder-de-kap. Een Buick of een Cadillac conver- tible. Met een van die linnen kappen die electrisch omhoog en omlaag gaan.” Een splinternieuwe auto kopen lokte geen van de drie jongens aan.
„Doodzonde,” oordeelde Jan Prins. „De manier waarop wij met auto’s omgaan en rossen... Bovendien zouden we het ding dan nog eerst moeten inrijden.”
Ze werden het er alledrie over eens, dat een nieuwe wagen niet in aanmerking kwam. En toen, op de vijfde automarkt, zagen ze de Lincoln staan.
„Kijk daar eens een knaap van een slee!”
„Dat is een twoseater, jo!”
„Bestaat niet... daar is-ie te lang voor.”
De wagen had een merkwaardige geel-groene tint, niet ongelijk aan de kleur van de uniformen van het Duitse Afrika-Corps van generaal Rommel.
„Hij heeft een woestijn-camouflagetint ook.”
De lange wagen had banden met witte zijkanten en toen zij er dichter bij kwamen, gaf Bob een kreet.
„Dat is de grote twaalfcilinder! De Lincoln Zephyr!”

Volgens mij is bovenstaand filmpje trouwens van een iets later bouwjaar, maar het gaat om het idee en om de sound. Volgens de Lincoln Zephyr Owners Club heeft een Zephyr uit 1939 de snelheidsmeter in het midden zitten.

Hieronder een filmpje van de V12


Bron tekst: http://waterman.mine.nu/~wood/index.php